Top

Kamsleuven flossen

"Eltjo Haselhoff is een Nederlandse fingerpicking gitarist die er in is geslaagd om twee cd’s in Amerika – de bakermat van de fingerpicking – uit te brengen. Een betere bevestiging kun je als gitarist bijna niet krijgen.”

Gitaarschool Nederland

 

Iedere gitarist heeft het wel eens meegemaakt. Vooral bij de G-snaar. Je wilt de snaar hoger stemmen, maar ondanks dat je het stemmechaniek de juiste kant op draait, blijft de snaar op dezelfde toonhoogte. Een angstig gevoel bekruipt je. Dat kan niet goed zijn. En dan ineens: PATS! Met een metalige knal schiet de G-snaar een halve toon te hoog. Dus stem je hem lager. Weer gebeurt er niets. Totdat hij ineens (PATS!) een halve toon te laag staat. Dat schiet niet op.

Dit probleem komt overigens niet alleen bij de G-snaar voor. Ook de andere omwonden snaren kunnen er last van hebben. Met een beetje pech breekt je snaar er ook regelmatig van. De reden van dit euvel is bekend. Soms wordt gedacht dat het een probleem van het stemmechaniek is, maar dat is niet zo. De werkelijke reden: de sleuf in de kam is gewoon iets te krap voor de snaar, waardoor hij steeds klem komt te zitten. Als remedie wordt vaak aangeraden om een klein druppeltje machineolie op de kam te druppelen, of de sleuf met een zacht potlood te bekrassen, zodat het grafiet als smeermiddel werkt. Maar deze middeltjes werken doorgaans maar tijdelijk.

Het eerste wat je even moet nagaan is of je niet te dikke snaren op je gitaar hebt gemonteerd. Die kans is klein, omdat de meeste gitaristen eerder te dunne dan te dikke snaren gebruiken. Het is onverstandig om dikkere snaren op je gitaar te zetten dan waar hij mee uit de fabriek kwam. Voor steelstrings is dat meestal een 011 of een 012 set. Soms ook 013 bij Dreadnoughts en Jumbo gitaren. Controleer dat dus even. Ik ga er van uit dat er een 012 set of dunner op je gitaar zit, en als je dan nog steeds een ‘knallende snaar’ hebt, is de sleuf in je kam gewoon te smal.


De sleuven in de kam van deze Martin hebben gelukkig precies de juiste breedte.

Een gitaarbouwer kan dit probleem makkelijk verhelpen door de sleuven iets wijder te vijlen. Je hebt daar speciale vijltjes voor nodig. Die zijn niet goedkoop, bovendien moet je een complete set hebben als je precies de juiste breedte wilt kunnen uitvijlen voor een willekeurige snaar. Daar komt bij dat het vijlen van kamsleuven een erg precies werkje is waarmee je in no-time een gitaar kunt verpesten. Maar als je de sleuven alleen maar iets breder moet maken kun je het ook zelf wel, zonder een set dure vijltjes.

Koop een nieuwe set snaren. Voordat je ze monteert, gebruik je de oude snaar om de probleemsleuf voorzichtig wat wijder te vijlen. Houd de snaar stevig vast tussen duimen en wijsvingers, en beweeg hem heen en weer in de sleuf terwijl je de snaar afwisselend links en rechts zijwaarts drukt. Alsof je je tanden flost. Pas op dat je niet de bodem van de sleuf raakt, je wilt de sleuf immers alleen breder maken en niet dieper. Na een stuk of 10 tot 20 slagen merk je dat de snaar makkelijker gaat bewegen. Monteer de nieuwe snaren. Doet het probleem zich nog steeds voor? Trek de betreffende snaar dan uit de kamsleuf en gebruik de oude snaar om nog iets verder te vijlen. In de meeste gevallen is je ‘knallende snaren-probleem’ dan voorgoed verholpen.
Widget is loading comments...